Pieter Janse

Uit Wiki Zeeuwse Bibliotheek
Ga naar: navigatie, zoeken
Janse, Pieter (roepnaam Piet) (Biggekerke 29 mei 1884 – Middelburg 28 oktober 1946)

Voorman en landelijk bestuurder van de Christelijk Nationale Werkmansbond en CHU Raadslid.

Korte biografie

Pieter Janse was plaatselijk voorman en landelijk bestuurder van de Christelijk Nationale Werkmansbond, als zodanig wegbereider voor de komst van een afdeling van de Nederlandsche Christelijke Landarbeidersbond in Biggekerke op Walcheren en CHU-raadslid in deze plaats. Piet Janse werd geboren te Biggekerke op 29 mei 1884 en overleed te Middelburg op 28 oktober 1946.

Van landarbeider tot klein-landbouwer

Piet Janse was de zoon van Adriaan Janse, veldarbeider, en Margrita Izeboud. Op 10 mei 1907 trad hij in het huwelijk met Maria Wijkhuijs. Uit dit huwelijk werden drie dochters en twee zoons geboren. Eén van de dochters overleed op jonge leeftijd. Piet Janse was één van de vele Zeeuwse landarbeiders die zich in de eerste decennia van de twintigste eeuw wisten op te werken tot klein-landbouwer. Zijn arbeidersafkomst verloochende hij niet. In de omstreeks 1906 opgerichte afdeling Biggekerke van de Christelijk Nationale Werkmansbond behoorde hij al snel tot de leidende figuren. De afdeling ontwikkelde zich tot de stem van de arbeiders in de plaatselijke gemeenschap, wat duidelijk uitkwam in het raadslidmaatschap van Piet Janse voor de CHU vanaf de verkiezingen van 1919. Behalve de SGP-vertegenwoordiger waren alle andere raadsleden gezeten boeren. Van meet af aan waren er strubbelingen binnen de CHU-fractie, vooral tussen Janse en de grote boer Abraham (Bram) Janse.

Raadslid in Biggekerke voor de CHU

Piet Janse met de gemeenteraad van Biggekerke in 1939, bron: C. van Winkelen, Biggekerke in oude ansichten (Zaltbommel, 1979).

Ook vergeleken met de andere raadsleden was Piet Janse een buitenbeentje. Vaak was hij als enige voor een voorstel, waar de anderen tegenstemden omdat de kosten ervan opgebracht moesten worden uit de gemeentelijke belastingen. Dat gold voor het invoeren van de schoolartsendienst (1928) en subsidie aan een vereniging voor invalide arbeidskrachten (1929). Ook pleitte hij vergeefs voor het publiceren van de raadsverslagen in de regionale krant (1919) en voor het toelaten van werkloze niet-kostwinners boven de achttien jaar tot de gemeentelijke werkverschaffing (1931). Bij de laatste kwestie meenden de zes andere raadsleden dat zulke jongens maar boerenknecht moesten worden. Bij de kort nadien volgende stemming voor een gemeentelijk vertegenwoordiger in de commissie voor werkverschaffing, werd Piet Janse gesteund door de ARP en de SGP, niet door zijn CHU-fractiegenoten. Om die reden bedankte hij voor de eer.

Twee maanden later discussieerde de Biggekerkse raad langdurig over het al dan niet aansluiten bij het Werkloosheidsbesluit 1917, wat een hogere uitkering zou betekenen voor de plaatselijke leden van een vakbond. Toen Piet Janse één van zijn fractiegenoten wist over te halen om voor te stemmen, werd tot aansluiting besloten. Bij de in dat jaar, 1931, volgende raadsverkiezingen kwam Bram Janse vervolgens uit met een conservatieve ‘Vrije Lijst’ die één zetel behaalde. De lijstaanvoerder ervan vertrok boos uit de raad toen hij niét meer zoals voorheen tot wethouder gekozen werd. Piet Janse bleef raadslid voor de CHU tot 1941 toen de Duitse bezetters de gemeenteraden ophieven. In 1946 werd hij weer gekozen voor de CHU.

NCLB

Door de sterke sociale controle in Biggekerke kwam het pas in 1931 tot oprichting van een afdeling van de Nederlandsche Christelijke Landarbeidersbond. Na de propagandavergadering kwamen de arbeiders, na onderling overleg, door de achterdeur weer naar binnen. Nu de boeren weg waren, kon de afdeling opgericht worden. Tot dat moment was de afdeling van de CNWB, de hervormde tegenhanger van ‘Patrimonium’ de enige vertegenwoordiger van het arbeidersbelang in Biggekerke. De afdeling telde aan het begin van de jaren twintig achttien leden en in het midden van de jaren dertig, twintig leden, waaronder zijn broer Evert, een zoon van één van de broers en twee zwagers van Piet Janse. De plaatselijke hervormde predikanten maakten deel uit van het bestuur evenals Piet Janse. Ten tijde van zijn overlijden in 1946 was hij voorzitter van de Provinciale Commissie voor Zeeland van de CNWB en lid van het landelijke hoofdbestuur. De afdeling Biggekerke werd na zijn overlijden opgenomen in de landelijke vereniging ‘In dienst der kerk’ en functioneerde als zodanig nog enkele tientallen jaren.

Piet Janse ‘woekerde met zijn talenten tot bevordering van het algemeen belang’ aldus een plaatsgenoot. Hij was ouderling in de Hervormde kerk, bestuurslid en een tijdlang voorzitter van de school voor Christelijk Volksonderwijs, voorzitter van de plaatselijke zangvereniging en van het kolenfonds te Biggekerke en bestuurslid van de afdeling van het Groene Kruis. Bij zijn begrafenis werd Piet Janse gekarakteriseerd als ‘een edele geest met een eerlijk en oprecht karakter, die nooit zichzelve zocht’ en die eigenlijk ‘te groot was voor dit kleine dorp’ waar men hem vaak niet begreep. Piet Janse overleed aan de gevolgen van een ongeval met een landbouwmachine.

Auteur

-Jan Zwemer, 2012.

Bronnen

-Jan Zwemer, ‘De partij van Bram Janse’, in: Jan Zwemer Een kist op zolder. Veranderingen op Walcheren (Middelburg 1988) 57-60

-J. Zwemer, Een zekel om geit-eten te snieën. De geschiedenis van de landarbeiders op Walcheren 1900-1940 (Middelburg, 1986) 135.