Marjan Olyslager

Uit Wiki ZB
Ga naar: navigatie, zoeken
Marjan Olyslager
Olyslager pzc15juni1985pag33.JPG
Geboren 8 maart 1962 Den Haag
Beroep atlete
VIAF [1]

Marjan Ingrid Olyslager is een voormalig Nederlandse atlete uit Terneuzen, die gespecialiseerd was in het hordelopen. Ze was drievoudig Nederlands recordhoudster hordeloop. Ze werd twaalf keer Nederlands kampioene in de hordeloop.

Biografie

Jeugd

Marjan Olyslager begon op haar tiende met atletiek. Dit kwam omdat zij in haar woonplaats Terneuzen een maand gratis training kreeg aangeboden bij de club Schelde Sport na gewonnen schoolwedstrijden. Al gauw kwam naar voren dat zij veel aanleg had voor de sprintafstanden en de springnummers. Dit was waarschijnlijk ook een gevolg van de turnsport, waarmee zij vier jaar ervaring had opgedaan.

Vanaf 1977 behaalde Marjan Olyslager haar eerste titels. In dat jaar werd zij kampioene op de 100 en de 80 meter horden. Daarna zouden er in totaal nog elf jeugdtitels volgen.

Een nog jonge Marjan Olyslager, Bron: Krantenbank Zeeland, in: De Stem, 12 juli 1985, pag. 8.

Marjan Olyslager deed als zeventienjarige haar eerste internationale ervaring op: bij het jeugd-EK van 1979 in Bydgoszcz liep zij 200 meter en de 100 meter horden. Op de 200 meter kwam zij tot de halve finale, op de 100 meter horden eveneens en miste zij op 0,02 seconde een finaleplaats.

Olympische limiet

In 1981 ging Marjan Olyslager over naar de senioren. Bij het NK van dat jaar won zij haar eerste seniorentitel - hoewel zij in die periode nogal klampte met vermoeidheidsverschijnselen als gevolg van de ziekte van Pfeiffer. In 1983 voldeed Marjan Olyslager aan de olympische limiet (13,45) en voor het einde van dat jaar had Marjan Olyslager het nationale record verbeterd tot 13,26. Dit gebeurde op het WK te Helsinki. Ze kwam in dat toernooi tot de kwartfinale, maar werd daarna uitgeschakeld met 13,3.

Olympisch jaar

1984 was een teleurstellend jaar voor Marjan Olyslager. Door een voetblessure miste zij de finale van de NK op de 100 meter horden en miste de NOC*NSF-limiet (13,18) voor de Olympische spelen in Los Angelos. Marjan Olyslager liep 13,20. Overigens wel een Nederlands record voor de als computerprogrammeur/systeemanaliste in Breda werkzame atlete.

1985

In 1985 betaalde de harde trainingen die Marjan Olyslager zichzelf had opgelegd om aan de olympische limieten te voldoen uit. Binnen twee maanden verbeterde ze vier maal haar eigen nationale record. Eerst liep ze 13,19 en daarna 13,07. In juni vervolgens 13,03 en tot slot 13,01 begin augustus. Ze sloot het jaar 1985 af met een 22e plaats op de wereldranglijst.

1986 en 1987

Door een borstvliesontsteking ging het winterseizoen 1985/86 grotendeels aan haar voorbij. Toch stond ze er in de zomer van 1986 weer in de voorbereiding voor de EK in Stuttgart. Ze liep 13,08 en 13,07. Door een lies- en hamstringblessure werd ze echter teruggeworpen en struikelde in de halve finale. Olyslager, achteraf: 'Ik was te gretig, mijn hordebeheersing was er nog niet. Dit is me trouwens nog nooit overkomen', aldus de Zeeuwse.[1]

1987 begon erg goed voor Marjan Olyslager. Op het NK indoor won ze op de 60 meter horden met een Nederlands record (8,16) en voldeed ze aan de limiet voor de WK-indoor. Tijdens dat WK-indoor (in Liévin)liep ze nog sneller: 8,03. Op het WK-indoor (Indianapolis) haalde ze de finale, en werd vijfde in 8,12.

In 1987 behaalde Marjan Olyslager ook nog de nationale titel op de 100 meter horden, maar de WK miste ze. Ze sukkelde in 1987 nog te veel met haar knieblessure.

1988: Grenzen geslecht

1988 begint goed voor Marjan Olyslager. Ze verbetert de nationale indoorrecords. In Gent duikt ze voor het eerst onder de acht-secondengrens: 7,97. Ook wordt ze opnieuw nationaal kampioen en ondervindt in Nederland op dat moment geen serieuze tegenstand meer.

Op 5 maart 1988 volgt een hoogtepunt in de atletiekcarrière van Marjan Olyslager. Ze wint zilver op het EK-indoor van Boedapest op de 60 meter horden. Ze loopt een nationaal record: 7,92 (achter Cornelia Oschkenat uit de DDR en voor Mihaela Pogacian uit Roemenië. Haar naam als Europese topper was definitief gevestigd.

Ook tijdens het outdoor-seizoen bewijst Marjan Olyslager haar toegenomen status. In Saint-Denis loopt ze in 12,93 naar een nieuw nationaal record en kwalificeert zich daarmee voor de Olympische Spelen van Seoel.

Successen en nederlagen

Ook daarna is Marjan Olyslager nog succesvol. Tijdens de Adriaan Paulen Memorial wint ze goud op de 100 meter horden in 12,92. Verder kwalificeert zij zich en passant voor de 4x100 meter estafette voor Seoel (samen met Nelli Cooman, Els Vader en Gretha Tromp). Op de Memorial Van Damme in Brussel wint ze vervolgens de 100 meter horden in 12,83, alweer een Nederlands record.

Opmerkelijk is haar verlies op het NK in Groningen, waar zij het moet afleggen tegen de in de winning mood verkerende Gretha Tromp. Met eenhonderdste seconde wordt zij verslagen (13,33 om 13,34).

Op de Olympische Spelen in Seoel komt Marjan Olyslager niet verder dan de halve finales. Daarin wordt ze vijfde in 13,08. Olyslager, achteraf: "Ik raakte een horde, verloor snelheid en kon dat niet meer goedmaken", verklaarde zij achteraf.[2] Op de 4x100 meter estafette bereikt Olyslager - samen met Nelli Cooman, Gretha Tromp en Els Vader - de halve finale, met een tijd van 43,48.

En nu?

Marjan Olyslager, 1985, Bron: Krantenbank Zeeland, 8 juli 1985, pag. 14.

Na de toch wat teleurstellend verlopen Olympische Spelen in Seoel begint de twijfel bij Marjan Olyslager toe te slaan over de voortgang van haar atletiekcarrière. Enerzijds wil zij nog wel een jaartje doorgaan, anderzijds heeft zij steeds meer moeite de opofferingen te brengen. Achteraf blijkt Seoel toch een breekpunt. Olyslager "Voor die tijd had ik nog iets om naar toe te werken, iets dat ik nog nooit had meegemaakt. Na de Olympische Spelen was dat voorbij. Ik kreeg ineens moeite met trainen. In de winter kwam ik nauwelijks op gang. Voor het eerst in mijn leven bekroop me het gevoel dat ik van alles miste door de topsport."[3]

Na de Olympische Spelen steekt Marjan Olyslager duidelijk minder tijd in de trainingen. Ze investeert steeds meer tijd in haar werk als systeem-analist en trouwt met Roel Wingbermühle.[4]

Ondanks haar misschien verminderde focus op het atletiek presteerde Olyslager zeer goed in 1989. Op het NK-indoor won ze opnieuw goud en op het EK-indoor in Den Haag werd ze vierde, op het WK-indoor zesde met 7,95. Op dit laatste toernooi verbeterde ze ook nog het Nederlands record en scherpte dit aan tot 7,89!

Ook outdoor was Olyslager nog steeds succesvol. In Villeneuve-d'Ascq liep ze met 12,77 haar twaalfde Nederlandse record. In die wedstrijd versloeg ze onder andere de Amerikaanse kampioene Linda Tolbert en oud-wereldrecordhoudster Ginka Zagortsjeva. Het record zou bijna dertig jaar stand houden en pas op 10 juni 2018 worden verbeterd door Nadine Visser (12,71).

Nadat Olyslager nog voor de veertiende keer beslag legde op de Nederlandse seniorentitel besloot ze een punt te zetten achter haar actieve atletiekcarrière. Zij bleef daarna nog wel actief als trainster. In 1995 werd zij ook nog vakgroepcoördinator sprint/horden bij de KNAU.[5] De gelopen nationale records van Olyslager staan overigens nog steeds!

Persoonlijk

Marjan Olyslager is getrouwd en heeft drie kinderen. Na in de ICT gewerkt te hebben was ze lange tijd consultant talentontwikkeling bij het NOC/NSF. Marjan Olyslager was vier keer chef de mission van de Nederlandse ploeg voor het Europese Jeugd Olympisch Festival. Sinds 2008 is zij managing partner en coach van Synovia Health & Performance in Capelle aan den IJssel. Sinds 2013 is zij ook trainer bij ATR in Rotterdam.

Marjan Olyslager werd door het NOC/NSF in augustus 2006 aangesteld als Chef de Mission van de Nederlandse atleten op het Europees Jeugd Olympisch Festival (EYOF) en de Koninkrijksspelen. Nadat zij deze taak vier keer in successie had vervuld werd zij hiervoor op 19 november 2013 door NOC/NSF voorzitter Bolhuis onderscheiden met de bronzen erepenning. Zij kreeg deze penning mede voor de grote toewijding waarmee zij haar opdracht vervulde.

Nederlandse kampioenschappen

Outdoor
Onderdeel Jaar
100 m 1989
100 m horden 1981, 1982, 1983, 1985, 1987, 1989
verspringen 1983
Indoor
Onderdeel Jaar
60 m horden 1982, 1983, 1984, 1987, 1988, 1989

Records

Persoonlijke records

Outdoor
Onderdeel Prestatie Datum Plaats
100 m 11,63 s 9 juli 1989 Hengelo
200 m 23,93 s 23 juli 1983 Vught
100 m horden 12,77 s (NR) 25 juni 1989 Villeneuve-d'Ascq
verspringen 6,17 m 17 juni 1979 Groningen
Indoor
Onderdeel Prestatie Datum Plaats
60 m 7,56 s 29 januari 1984 Dortmund
50 m horden 6,91 s (NR) 24 januari 1987 Zwolle
60 m horden 7,89 s (NR) 5 maart 1989 Boedapest
verspringen 6,17 m 21 februari 1982 Rotterdam

Nederlandse records

Outdoor
Onderdeel Prestatie Datum Plaats
100 m horden 13,27 s 24 juni 1983 Parijs
13,26 s 12 augustus 1983 Helsinki
13,20 s 9 juni 1984 Fürth
13,19 s 16 mei 1985 Leiden
13,07 s 29 mei 1985 Aken
13,01 s 7 juli 1985 Zwolle
12,93 s 7 juni 1988 Saint-Denis
12,92 s 14 augustus 1988 Hengelo
12,83 s 19 augustus 1988 Brussel
12,77 s 25 juni 1989 Villeneuve-d'Ascq
Indoor
Onderdeel Prestatie Datum Plaats
50 m horden 6,91 s 24 januari 1987 Zwolle
60 m horden 8,33 s 21 januari 1984 Zwolle
8,21 s 3 maart 1984 Göteborg
8,16 s 7 februari 1987 Den Haag
8,10 s 21 februari 1987 Liévin
8,03 s 21 februari 1987 Liévin
8,00 s 13 februari 1988 Liévin
7,97 s 17 februari 1988 Gent
7,92 s 5 maart 1988 Boedapest
7,89 s 5 maart 1989 Boedapest

Palmares

60 m

  • 1983: 4e NK indoor – 7,71 s
  • 1984: 4e NK indoor – 7,57 s
  • 1987: brons NK indoor – 7,59 s

100 m

  • 1981: brons NK – 11,86 s
  • 1983: brons NK – 12,00 s
  • 1985: zilver NK – 11,74 s
  • 1989: goud NK – 11,63 s

200 m

  • 1981: brons NK – 24,35 s
  • 1982: zilver NK – 23,93 s
  • 1985: zilver NK – 23,53 s

60 m horden

  • 1982: goud NK indoor – 8,47 s
  • 1983: goud NK indoor – 8,44 s
  • 1984: goud NK indoor – 8,29 s
  • 1987: goud NK indoor – 8,16 s (NR)
  • 1987: goud NK indoor – 8,12 s
  • 1987: 5e WK indoor - 8,12 s
  • 1988: zilver EK indoor - 7,92 s
  • 1989: goud NK indoor – 8,11 s
  • 1989: 6e WK indoor - 7,95 s

100 m horden

  • 1981: goud NK – 13,52 s
  • 1982: goud NK – 13,59 s
  • 1982: brons Memorial Van Damme - 13,66 s
  • 1983: goud NK – 13,46 s
  • 1984: DNS NK
  • 1985: goud NK – 12,96 s (+4,68 m/s)
  • 1987: goud Europa Cup B - 13,35 s
  • 1987: goud NK – 13,27 s
  • 1988: zilver NK – 13,34 s
  • 1988: 5e in ½ fin. Olympische Spelen 1988 - 13,08 s
  • 1988: brons IAAF Grand Prix finale - 13,05 s
  • 1988: goud Memorial Van Damme - 12,83 s (NR)
  • 1989: goud Europa Cup C - 13,35 s
  • 1989: goud NK – 13,23 s

verspringen

  • 1982: zilver NK indoor – 6,17 m

4 x 100 m estafette

  • 1988: 5e in ½ fin. OS - 43,48 s

Onderscheidingen

  • KNAU jeugdatlete van het jaar (Fanny Blankers-Koen plaquette) - 1978
  • NOC*NSF erepenning - 2013

Auteur

Wim van Gorsel, 2015

Bronnen

Literatuur

  • de Atletiekwereld, 1982-1995.

Sites

Overig

Noten

  1. ‘Dit is me nog nooit overkomen’, in: Atletiekwereld nr. 14 (1986)
  2. Bert Paauw, 'Marjan Olijslager niet goed, niet slecht', in: Atletiekwereld nr. 15 (1988)
  3. Gio Lippens,'Marjan Olijslager heeft haar grenzen bereikt',in: Atletiekwereld nr. 15 (1989)
  4. [Henk van der Sluis,'Marjan Olijslager voldoet aan ‘Vergouwen-limiet’, in: Atletiekwereld nr. 4 (1989)]
  5. Léon Haan,"De techniek was mijn sterkste punt", in: Atletiekwereld nr. 11 (1995)