Pieter Luikenaar

Uit Wiki Zeeuwse Bibliotheek
Ga naar: navigatie, zoeken
Luikenaar, Pieter

Kapelle (15 februari 1876 – Goes, 18 maart 1967)

Voorzitter NCL, ARP raadslid en wethouder te Wolphaartsdijk.
Bij de installatie van burgemeester Ter Haar van Romeny te Wolphaartsdijk op 7 maart 1956 hangt wethouder Luikenaar hem de ambtsketting om, foto, Zeeuwse Bibliotheek, Beeldbank Zeeland, recordnr. 40453.

Pieter Luikenaar was te Wolphaartsdijk en ook in regionaal verband een voorman van de Nederlandse Christelijke Landarbeidersbond (NCLB) en wethouder voor de Antirevolutionaire Partij (ARP) in de gemeente Wolphaartsdijk. Hij werd geboren te Kapelle in 1876 als zoon van arbeider Jacob Luikenaar en Neeltje Lokerse en overleed op 18 maart 1967 te Goes. Op 29 juni 1896 huwde hij met Janna Bliek te Wolphaartsdijk. Van hun zes kinderen overleden er drie op jonge leeftijd, terwijl twee kinderen levenloos geboren werden. Janna Bliek dreef een winkeltje in Oud-Sabbinge in de gemeente Wolphaartsdijk waar Pieter landarbeider was in dienst van een landbouwer. Voor eigen rekening bewerkte hij een eigen stuk land van 0,6 hectare.

Voorzitter Landarbeidersbond

Luikenaar werd in 1914 gekozen tot diaken in de Gereformeerde Kerk van Wolphaartsdijk. Op dat moment was hij al penningmeester van de Anti-Revolutionaire kiesvereniging in de gelijknamige gemeente. Hij bleef bestuurslid van die kiesvereniging tot zijn bedanken in 1922. Van 1919 tot 1923 was hij ouderling in de Gereformeerde Kerk en in het eerstgenoemde jaar stond hij als derde op de kandidatenlijst voor de gemeenteraadsverkiezingen, terwijl de ARP slechts een zetel bezette.

In februari 1924 werd te Wolphaartsdijk in aanwezigheid van de Hervormde en de Gereformeerde predikant een afdeling opgericht van de Nederlandse Christelijke Landarbeidersbond. In maart werd een definitief bestuur samengesteld met Luikenaar als voorzitter. Er waren toen 55 leden. Tegen de zomer van dat jaar ontstond een conflict toen de Verenigde Landbouwers te Wolphaartsdijk weigerden in te gaan op een eis tot loonsverhoging door de NCLB-afdeling. Slechts een kleine loonsverhoging werd doorgevoerd, van onderhandelen was geen sprake. Vergeefs deed het NCLB-hoofdbestuur een beroep op de burgemeester te bemiddelen en tegen de winter stelden de plaatselijke landbouwers weer het lage winterloon vast dat overeenkwam met dat in het vorige winterseizoen.

Pieter Luikenaar neemt op 15 augustus 1958 afscheid als wethouder van Wolphaartsdijk en wordt daarvoor gelauwerd, foto, Zeeuwse Bibliotheek, Beeldbank Zeeland, recordnr. 6173

Begin mei 1925 weigerden de landbouwers opnieuw te onderhandelen met de NCLB-afdeling en in reactie daarop besloot de afdeling bij meerderheid van stemmen (82 voor, 20 tegen) om de boeren een ultimatum te stellen waarin met staking werd gedreigd. Voorzitter Luikenaar werd nu ontslagen bij zijn werkgever en ook bedankte een aantal bij de NCLB-afdeling aangesloten leden als lid na pressie van de zijde van hun werkgevers. De inmiddels in een aanzienlijk deel van de Zak van Zuid-Beveland dreigende stakingsbeweging verliep echter al in de loop van mei en de eerste week van juni. Het ledental van de Wolphaartsdijkse NCLB-afdeling liep terug tot 65 aan het begin van 1927.

Pieter Luikenaar bleef tientallen jaren voorzitter van de Wolphaartsdijkse afdeling van de NCLB, die in 1933 het genoegen smaakte dat twee grote landbouwers uit de gemeente zich op een vergadering van de afdeling uitspraken voor het sluiten van een contract na onderhandelingen. In 1934 had de afdeling weer 130 leden. Dat jaar kwam er voor het eerst een collectief contract tot stand voor de landarbeiders in de gemeente.

In maart 1929 was Luikenaar met twee anderen benoemd in de plaatselijke commissie voor werkverschaffing. Vanaf 1925 was hij, vermoedelijk tot in de jaren veertig, voorzitter van het district Zuid- en Noord-Beveland van de NCLB. In 1932 werd hij ook gekozen in het landelijke NCLB-bestuur.

Spanning in kerk tussen boeren en arbeiders

Als gevolg van het arbeidsconflict raakten ook in de plaatselijke Gereformeerde Kerk de verhoudingen tussen boeren en arbeiders gespannen. Enkele grote boeren dienden een bezwaarschrift in tegen Luikenaars ouderlingschap (sinds eind 1924) vanwege het in opspraak brengen van Gods naam door zijn activiteiten als leider van de NCLB-afdeling. Dit maakte het hen onmogelijk om ‘in broederliefde’ ter kerke te komen. Zij eisten dat Luikenaar één van de twee functies neerlegde. Er volgde een periode waarin een patstelling leek te ontstaan: Luikenaar wilde niet zijn voorzitterschap van de afdeling beëindigen, de predikant gaf daar wel de voorkeur aan, de bezwaarde boeren bleven Luikenaar als een revolutionair afschilderen vanwege het dreigen met een staking. De stemming in de kerkenraad was overwegend tegen de bezwaarde landbouwers. Zij kon aanvoeren dat ook de Gereformeerde Synode van 1920 zich positief uitsprak over het tot stand komen van christelijke organisaties zoals een landarbeiderbond. Tenslotte bedankte Luikenaar eind juni 1925 voor het ouderlingschap. In januari 1927 werd hij echter weer tot ouderling gekozen.

Wethouderschap en andere taken

Pieter Luikenaar neemt op 15 augustus 1958 afscheid als wethouder van Wolphaartsdijk en wordt bedankt, foto, Zeeuwse Bibliotheek, Beeldbank Zeeland, recordnr. 6176

Bij de raadsverkiezingen van 1927 werd Pieter Luikenaar, vierde op de ARP-kandidatenlijst, met voorkeurstemmen gekozen in de gemeenteraad van Wolphaartsdijk. Het feit dat bij die verkiezingen de CHU een zetel verloor aan de ARP, doet vermoeden dat hervormde arbeiders deze keer op de ARP stemden vanwege hun sympathie voor Luikenaar. In 1931 werd hij niet herkozen omdat een ander op de ARP-lijst méér voorkeurstemmen kreeg. Na de verhuizing van deze J. Snoodijk, inmiddels wethouder, in 1937, werd Luikenaar tussentijds tot raadslid benoemd en meteen ook gekozen tot wethouder. Hij bleef raadslid te Wolphaartsdijk en wethouder tot augustus 1958. Tijdens zijn wethouderschap functioneerde hij diverse malen als loco-burgemeester.

In de Gereformeerde Kerk was Luikenaar nog diverse malen diaken of ouderling. Verder was hij sinds 1937 bestuurslid van de Oranjevereniging te Wolphaartsdijk en sinds 1928 arbeider-lid van de Raad van Arbeid te Goes. Vanaf 1933 tot 1956 was hij bestuurslid (vanaf 1935 secretaris) van het Groene Kruis te Wolphaartsdijk.

AUTEUR

-Jan Zwemer, 2012

BRONNEN

-W.P. Balkenende en A.J. Barth, ‘Sociale onrust in Wolphaartsdijk. Een dorpse kwestie tussen boeren en landarbeiders in de jaren twintig’, in: Historisch Jaarboek voor Zuid- en Noord-Beveland 18 (1992) 13-30.

-Krantenbank Zeeland A.J. Barth, ‘En de landarbeider ploeterde voort’, in: PZC, 11-8-1998.

-Krantenbank Zeeland ‘Oud-wethouder Wolphaartsdijk overleden’, in: PZC, 21-3-1967.