Klinket

Uit Wiki Zeeuwse Bibliotheek
Ga naar: navigatie, zoeken
Klinket ( klienket, lienket, kleenket )
Boerenschuur met klienket in de Kelderweg te Grijpskerke, foto: J. Francke, 12 mei 2004, Zeeuwse Bibliotheek, Beeldbank Zeeland, recordnr. 115079.

Kleine deur in de grote deur (mendeure) van de Zeeuwse boerenschuur. Het woord was in de middeleeuwen en de eeuwen daarna algemener in gebruik in de Lage Landen, bijvoorbeeld ook voor de kleine deur in een stadspoort. Vermoedelijk is het afkomstig van het Franse clenchette voor deurklink. Door het aanbrengen van het klinket kon een persoon naar binnen of naar buiten gaan zonder dat de grote deur opengemaakt hoefde te worden. In traditionele Zeeuwse boerenschuren is het klinket (ook wel gehoord in de afgesleten vorm lienket) een vast gegeven. Het houten deurtje bevindt zich in één van de twee deuren van een dubbel stel houten mendeuren. Sommige vallen extra op omdat ze gemarkeerd worden door een witte rand, terwijl klinket en mendeure zwart geteerd zijn, of geschilderd in een en dezelfde kleur, bijvoorbeeld groen of blauw. De witte rand vergemakkelijkt het om het klinket in het donker te vinden. De meeste klinketten bevinden zich op circa dertig centimeter van de begane grond, maar op sommige boerderijen loopt de opening van het klinket door tot aan de grond zodat men er met de kruiwagen doorheen kan rijden. Op Walcheren bestaat het klinket in de meeste gevallen uit een onder- en een bovendeur. In oostelijk Zeeuws-Vlaanderen is de uitspraak: kleenket.

In verband met houtrot gerepareerd klinket in een schuur in Baarland. Het gehele klinket is geteerd, foto: Wim Helm, 1 mei 1989, Zeeuwse Bibliotheek, Beeldbank Zeeland, recordnr. 17199.
De hofstede Klein Duinvliet in Domburg heeft in de schuur een klienket met witte rand om de toegang in het donker te kunnen vinden, foto: Wim Helm, 29 augustus 2000, Zeeuwse Bibliotheek, Beeldbank Zeeland, recordnr. 21207.

AUTEUR

Jan Zwemer, 2013

LITERATUUR

-H.C.M. Ghijsen (red.), Woordenboek der Zeeuwse dialecten (Den Haag, 1974) 447.

-G. Smallegange, Op ´t Hof. Boerderijen en boerenerven in Zeeland (Goes, 2001) 18-19.

-Woordenboek der Nederlandse Taal (CD-Rom) (Rotterdam, 2000).